Autonieuws

Wat een check engine-lampje echt betekent: Negeer het niet

check engine lampje
Shutterstock
Door Michel Borggreve Vandaag om. 10:33

Dat ene lampje op je dashboard kan onschuldig zijn of juist het begin van een dure ramp, en het verschil zie je sneller dan je denkt.

Een geel, motorvormig symbool dat plots op het dashboard verschijnt, zorgt bij veel automobilisten voor onrust.

Sommige bestuurders rijden meteen naar de garage, terwijl anderen rustig doorrijden tot de wagen begint te schokken of helemaal niet meer wil starten.

Dit waarschuwingslampje kan namelijk wijzen op iets kleins, zoals een losse tankdop, maar net zo goed op een serieus mankement aan de motor, de ontsteking, de brandstoftoevoer of de uitlaat. Het verschil valt lang niet altijd meteen op.

Cruciaal is om te kijken of het lampje constant blijft branden of juist knippert. Dat onderscheid bepaalt grotendeels hoe dringend een werkplaatsbezoek is, en of u veilig verder kunt rijden zonder extra schade te riskeren.

Officieel heet dit lampje het storingsindicatielampje, ofwel MIL. Het ontstaat door het zelfdiagnosesysteem van de auto, dat de motor en de uitlaatgerelateerde onderdelen voortdurend bewaakt en bij een afwijking een foutcode wegschrijft.

Accu kan oververhit raken: groot automerk roept auto’s terug in Nederland

Lees ook: Accu kan oververhit raken: groot automerk roept auto’s terug in Nederland

Wat een constant of knipperend lampje betekent

Een geel lampje dat rustig blijft branden, wijst meestal op een geregistreerde storing die het systeem op dat moment niet als kritiek ziet. Rijdt de wagen normaal, trilt hij niet en verliest hij geen vermogen, dan kun je doorgaans veilig naar huis of het tankstation rijden.

Wekenlang negeren is alleen onverstandig, want zelfs een klein euvel verhoogt na verloop van tijd het brandstofverbruik, vergroot de uitstoot of beschadigt op den duur andere onderdelen.

Veel ernstiger is een knipperend lampje, dat doorgaans op een ontstekingsprobleem duidt. Het brandstofmengsel verbrandt dan niet goed in een of meer cilinders, waardoor onverbrande brandstof in de uitlaat belandt en de katalysator oververhit raakt. Volgens de Amerikaanse milieudienst EPA kunt u in zo’n situatie beter zo min mogelijk rijden en snel een diagnose laten stellen, omdat de schade anders snel oploopt.

Schokt de auto, valt het vermogen weg of ruikt u brandstof, verminder dan rustig je snelheid en vermijd hard optrekken om veilig tot stilstand te komen. Zet daarna de motor uit en roep technische hulp in.

Schakelt de auto daarbij over naar een noodprogramma met beperkt vermogen, dan beschermt dat de techniek, al is het geen reden om lang door te blijven rijden. Doorrijden met een knipperend lampje kan namelijk een kostbare reparatie aan de katalysator of de motor zelf veroorzaken, terwijl tijdig stoppen die schade juist beperkt.

Tekst gaat verder onder de afbeelding.

De oorzaken en de juiste diagnose

De aanleidingen lopen sterk uiteen, van een slecht aangedraaide tankdop tot een versleten bougie, een defecte bobine, een haperende lambdasonde of een verstopt roetfilter bij dieselauto’s. Bij benzinemotoren spelen vaak de bougies, de bobines en de luchtinlaat op, terwijl bij diesels het EGR-systeem, de druksensoren en het roetfilter geregeld voor problemen zorgen. Een lekkende of beschadigde tankdop is bovendien een veelgehoorde boosdoener, omdat het dampopvangsysteem dan ontsnappende brandstofdampen registreert en een foutcode opslaat.

Tekst gaat verder onder de post. 

Zelf controleren bij een brandend Check Engine-lampje
  • Zit de tankdop goed en stevig vastgedraaid?
  • Staat het motoroliepeil hoog genoeg?
  • Is het koelvloeistofniveau in orde?
  • Loopt de motortemperatuur niet te hoog op?
  • Komt er ongewone rook uit de uitlaat?
  • Begint de auto te schokken of vermogen te verliezen?
  • Liggen er vloeistofplekken onder de auto?
  • Ruikt of klinkt er iets ongewoons?
Brandt het lampje constant en rijdt de auto normaal, dan kunt u meestal veilig naar een tankstation of werkplaats. Knippert het lampje, rijd dan zo min mogelijk en laat snel een diagnose stellen.

In de werkplaats sluit een monteur een OBD-scanner aan op de diagnoseaansluiting, die de opgeslagen foutcodes toont.

Code P0300 wijst bijvoorbeeld op willekeurige ontstekingsfouten, P0420 op een tekortschietende katalysator en P0171 op een te arm brandstofmengsel. Zulke codes vertellen vooral in welk systeem iets misgaat, niet exact welk onderdeel vervangen moet worden, waardoor losse interpretatie zonder ervaring lastig blijft.

Zelf kun je alvast nagaan of de tankdop goed vastzit, het oliepeil voldoende is en de motor niet oververhit raakt.

Het wissen van de foutcode of het loskoppelen van de accu lost niets op, want het probleem keert terug zodra de oorzaak blijft bestaan. Soms gaat het werkelijk om een lekkende dop, maar minstens zo vaak voorkomt een tijdige diagnose een veel duurdere storing aan de motor of de katalysator.

Er komt een maximum snelheid op Nederlandse fietspaden

Lees ook: Er komt een maximum snelheid op Nederlandse fietspaden

PureTech-rijders opgelet: Nederlandse oplossing maakt een einde aan alle ellende

Lees ook: PureTech-rijders opgelet: Nederlandse oplossing maakt een einde aan alle ellende

Laatste nieuws

Lees meer nieuws