Autonieuws 400 euro extra per maand: Reistijd naar het werk geldt als werktijd John Gibbons / Unsplash Door Michel Borggreve Vandaag om. 17:12 F1 nieuws Een nieuwe uitspraak kan grote gevolgen hebben voor Nederlanders met een langere reistijd naar het werk en in sommige gevallen leiden tot wel 400 euro extra op de loonstrook per maand. Veel mensen beginnen hun werkdag al ruim voordat ze bij hun eerste klant aankomen. Voor bezorgers, monteurs, hoveniers en schoonmakers begint de dag vaak met een rit naar een gezamenlijk verzamelpunt, waarna ze verder reizen naar wisselende werklocaties. Juist die reistijd kan in sommige gevallen als werktijd worden aangemerkt, zo heeft het Europees Hof van Justitie bepaald in een principiële uitspraak. De uitspraak vloeit voort uit een zaak over een bedrijf waar medewerkers geen vaste standplaats hadden, maar iedere ochtend samenkwamen op een afgesproken locatie voordat zij verder reden naar de klanten van die dag. Toch kregen zij slechts voor een deel van de reistijd betaald, wat uiteindelijk leidde tot de rechtszaak. Volgens de rechters kent de Europese Arbeidstijdenrichtlijn slechts twee categorieën, namelijk werktijd en rusttijd. Omdat er geen aparte categorie voor reistijd bestaat, moet de tijd die een werknemer onderweg is altijd worden aangemerkt als óf werktijd óf rusttijd. Doorslaggevend is of de werknemer tijdens de rit ter beschikking staat van de werkgever. Als de werkgever bepaalt wanneer iemand moet vertrekken, welke route wordt gereden of hoe het vervoer plaatsvindt, kan die tijd niet als vrije tijd worden beschouwd. In dat geval kan de reistijd als werktijd gelden en daarmee recht geven op loon. Lees ook: Miljardair Lord Sugar kreeg geen verhoging van zijn Amex-kredietlimiet Wat de uitspraak in de praktijk verandert Het maakt daarbij niet uit of de werknemer achter het stuur zit of onderuitgezakt op de achterbank meerijdt. De oude scheiding tussen chauffeur en passagier werd jarenlang gebruikt om uitsluitend de bestuurder uit te betalen en die redenering houdt na dit oordeel geen stand meer. Omdat het Hof een Europese richtlijn uitlegt, werkt het oordeel door in alle lidstaten. Nationale rechters zijn gebonden aan die uitleg en moeten hun eigen wetgeving er zo veel mogelijk naar plooien. In Duitsland raakt dat naar schatting twee miljoen werknemers in de bouw, de schoonmaak, het groenonderhoud en de thuiszorg. Contractbepalingen die reistijd op voorhand buiten de betaalde uren houden, kunnen daardoor ongeldig blijken. Een Duitse schilder die dagelijks tachtig minuten onderweg is en 7,5 uur uitbetaald krijgt, lijkt op papier keurig boven het minimumloon van 13,90 euro te zitten. Wordt de reistijd meegeteld dan zakt het werkelijke uurloon naar ongeveer 11,81 euro, een gat van bijna 18,50 euro per dag. Over een maand met tweeëntwintig werkdagen loopt dat op tot ruwweg 400 euro. Tekst gaat verder na de afbeelding. Shutterstock Wat Nederlandse werknemers eraan hebben Nederland kent geen losse bepaling die reistijd zonder meer tot werktijd bestempelt, maar de Arbeidstijdenwet stoelt op precies dezelfde Europese richtlijn. Nederlandse rechters moeten die wet daarom uitleggen in het licht van dit oordeel uit Luxemburg. Veel hangt hier af van de cao. In de bouw, de installatiebranche en het hoveniersvak staan al afspraken over reisuren, soms tegen een lager tarief of in de vorm van een kilometervergoeding. Zulke constructies blijven toegestaan zolang het gemiddelde uurloon over alle uren heen boven het wettelijk minimum van 14,99 euro blijft, het bedrag dat sinds 1 juli 2026 geldt. Zakt de werknemer daaronder dan wringt de afspraak met de wet en gaat het al snel om honderden euro’s per maand. Wie geen vaste werkplek heeft, elke dag naar een ander adres wordt gestuurd en onderaan de streep te weinig overhoudt, staat dus sterk. Werknemers met een vaste standplaats vallen buiten deze uitspraak. Hun rit naar kantoor of werkplaats telt gewoon als woon-werkverkeer en blijft onbetaald. Datzelfde geldt voor iemand die slechts af en toe een klant bezoekt en verder vanaf een eigen bureau werkt. Loonvorderingen verjaren in Nederland pas na vijf jaar, al bevatten arbeidscontracten en cao’s regelmatig kortere vervaltermijnen van soms een half jaar. Reistijden bijhouden en de werkgever schriftelijk aanspreken op achterstallig loon is daarom de eerste stap. Levert dat niets op dan kan de kantonrechter eraan te pas komen, waarvoor een advocaat niet verplicht is. Een vakbond of rechtsbijstandverzekeraar kan de zaak in veel gevallen kosteloos overnemen. Lees ook: Beter dan elke gieter: 4.000 jaar oude methode bespaart 70 procent water Lees ook: Ambassadeur woont op een superjacht van 150 miljoen en vliegt met helikopter naar afspraken Deel het artikel Waar wil je delen? Facebook LinkedIn Email Kopieer link Laatste nieuws Lees meer nieuws Autonieuws Miljardair Lord Sugar kreeg geen verhoging van zijn Amex-kredietlimiet Autonieuws Beter dan elke gieter: 4.000 jaar oude methode bespaart 70 procent water Autonieuws Ambassadeur woont op een superjacht van 150 miljoen en vliegt met helikopter naar afspraken Autonieuws Levensverwachting van honden berekend: Zo oud wordt jouw hond Formule 1 Max Verstappen laat zich uit over emotioneel afscheid Autonieuws Honderden wandelaars staan op 2.300 meter hoogte in rij voor gebak van 4 euro
Autonieuws Ambassadeur woont op een superjacht van 150 miljoen en vliegt met helikopter naar afspraken